Joseph is midden zestig en heeft net zijn geliefde vrouw verloren. Alles in zijn grote, oude landhuis herinnert hem pijnlijk aan de jaren die ze samen doorbrachten. Op een dag komen er onverwachts een paar bezoekers opdagen. Het lijken familieleden van zijn overleden vrouw te zijn. In het begin behandelen de ongenode gasten Joseph met liefde, maar beetje bij beetje begint de situatie te veranderen. De bezoekers worden langzaam, bijna onmerkbaar, agressieve, zelfs vijandige indringers. Ze proberen van Joseph af te komen en zijn huis, zijn wereld en zijn gedachten over te nemen. Is dit gewoon de paranoia van een oude man of echt een meedogenloze invasie?